Een medaille en haar keerzijde

15 oktober 2011 Behnam Taebi

Dr.ir. Behnam Taebi is universitair docent Techniekfilosofie aan de TU Delft

Dr.ir. Behnam Taebi is universitair docent Techniekfilosofie aan de TU Delft

Afgelopen week publiceerde Times Higher Education de jaarlijkse ranking van ’s werelds belangrijkste universiteiten. Nederland doet het heel goed: al onze universiteiten staan in de top 200, op Tilburg na, en met die twaalf bekleden we als land een derde plaats. Alle reden dus voor vreugde. Maar toch is het goed om dat resultaat eens nader te bekijken: onze nummer één (Utrecht) staat wereldwijd op nummer 68 en liefst acht van onze twaalf toppers komen pas na de honderdste plaats, met Maastricht en Twente nipt op 197 en 200. Een kleine schommeling en we zouden volgend jaar de bronzen medaille weer terug moeten geven.

 

Nu hebben de rankings natuurlijk hun criticasters. Je moet geen appels met peren vergelijken, menen sommige wetenschappers. Het gemiddeld aantal publicaties in de exacte en de geesteswetenschappen verschilt bijvoorbeeld behoorlijk (de ranking van dit jaar corrigeert daar echter voor en er komen binnenkort ook lijsten voor bepaalde wetenschapsgebieden, zoals ‘engineering en techniek’). Daarnaast zijn de resultaten erg afhankelijk van de gekozen criteria en hoe zwaar je die laat wegen. Zo stond er vorig jaar geen enkele Nederlandse universiteit in de top 100, maar het lijkt erg onwaarschijnlijk dat het verschil van dit jaar puur en alleen is toe te schrijven aan de enorme kwaliteitsverbeteringen in de polder.

 

En rank je per criterium, dan verschillen de eindresultaten ook weer behoorlijk. Ons universiteitsblad doet al een duit in het zakje: ‘TU Delft de beste op onderwijsgebied in Times-ranking’. Met plaats 104 is Delft eigenlijk Nederlands vijfde; Utrecht, Wageningen, Leiden en de UvA gaan voor, maar alleen op grond van onderwijs scoort Delft het hoogst. En gemiddeld gezien scoren de Nederlandse universiteiten minder goed op het criterium ‘kwaliteit en reputatie van onderwijs’. Daar valt in ieder geval nog een wereld te winnen.

 

Borstklopperij is natuurlijk vooral voor binnenlandse consumptie. En mocht iemand toch onverhoopt nog goede argumenten vinden waarom Leiden, Delft en Erasmus moeten samengaan, dan is er tenminste een instrument dat kan helpen bij het kiezen van de juiste naam. Leiden met 79 hoeft verder weinig in de strijd te gooien en de positie van Delft zal inmiddels ook wel duidelijk zijn. En Erasmus (plaats 157) scoort heel hoog in citatie- en onderzoeks­impact.

 

Het is op zijn zachtst gezegd merkwaardig dat we ons in Nederland nog vooral met elkaar blijven meten en niet met de groten der aarde. ‘De beste Nederlandse universiteit in de wereld’ is een mooie leus waarmee je vwo’ers kunt lokken, maar internationaal maakt het minder indruk. Als de beste studenten en wetenschappers hun academische onderdak zoeken, concurreren we – zoals het hoort – met de rest van de universiteiten in de wereld. Nationale zelfgenoegzaamheid is de grootse vijand van wereldsucces.


Technisch Weekblad is een uitgave van Beta Publishers.
© 2012 www.technischweekblad.nl - alle rechten voorbehouden.