3 december 2011 Erwin Boutsma

Erwin Boutsma is hoofdredacteur bij Technisch Weekblad
Dat fossiele brandstoffen opraken, zal voor niemand meer een verrassing zijn. Dat de voorraad uranium eindig is, realiseren we ons ook steeds meer. Lithium, ofschoon de verschillende onderzoeken daar verdeeld over zijn, is ook niet in die hoeveelheden aanwezig dat we de groeiende markt voor elektrisch vervoer daar oneindig mee van batterijen kunnen voorzien. En zeldzame aardmetalen als neodymium, lanthaan en dysprosium – onmisbaar in moderne elektronica – zijn enorm lastig te winnen.
Gaan die tekorten over enkele jaren of decennia een remmende werking uitoefenen op de economische groei? Of zullen die tekorten onze samenleving zelfs ontwrichten? Dat eerste is vrijwel zeker, het tweede zeer wel mogelijk, stellen recente rapporten van onder andere de VN en de US Geological Survey. Ook KIVI NIRIA merkt de grondstoffenschaarste aan als belangrijk aandachtspunt voor de komende decennia, getuige het thema ‘slim materiaalgebruik’ (zie pagina 1), dat op 23 november in de aula van de TU Delft centraal stond in het jaarcongres van de beroepsvereniging. Het congres draaide niet alleen om nieuwe materiaaltechnieken, maar vooral om recycling van en zuinig omgaan met bestaande grondstoffen.
Dat geldt vooral voor fosfor en water. Veel meer dan de bouwsteentjes van onze luxeartikelen, raken de dreigende tekorten aan deze twee alledaagse grondstoffen aan de kern van onze beschaving, namelijk de voedselvoorziening. Fosfor is een onmisbaar element van al het leven op aarde en een cruciaal ingrediënt voor kunstmest. Volgens onderzoek van de Linköping University bereiken we de fosforpiek – het omslagpunt waarop de vraag en de beschikbaarheid niet langer in evenwicht zijn – rond 2035. Daarna is er een tekort en zullen de opbrengsten van landbouwgrond bij de huidige stand van de wetenschap onherroepelijk teruglopen.
Aan zoet water is nu al een ernstig tekort, terwijl de vraag sterk stijgt door de groeiende welvaart van opkomende economieën. Ooit machtige rivieren als de Murray (Australië), de Gele Rivier (China) en de Colorado (VS) staan tegenwoordig bij de monding soms vrijwel droog, omdat het water over vele honderden kilometers wordt afgetapt voor drinkwater en irrigatie. Een rapport van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties stelde afgelopen week dat een kwart van de wereldwijd beschikbare landbouwgrond ernstig is uitgeput, met name door erosie en een tekort aan water.
Er zijn genoeg deskundigen, ook tijdens het KIVI NIRIA jaarcongres, die roepen dat de discussie rond grondstoffenschaarste onzinning is, omdat er van alles voor de afzienbare toekomst meer dan genoeg is. Het is allemaal een kwestie van marktwerking, betogen zij: schaarste leidt tot prijsstijgingen, waardoor lastig winbare reserves plotseling rendabel te ontginnen zijn. De teerzanden in Canada, als alternatief voor oliebronnen, zijn daar een voorbeeld van, en ook de zeldzame aardmetalen, die eigenlijk helemaal niet zeldzaam zijn maar alleen enorm lastig te isoleren, zijn er in overvloed.
Voor fosfor en water geldt dat niet. Voor beiden is geen alternatief en dat zal er per definitie ook niet komen, dus we zijn volledig afhankelijk van recycling, matig gebruik en nieuwe winnings- of zuiveringstechnieken. Dat er veelbelovende initiatieven op dit terrein zijn, bewijst het artikel op pagina 9 van deze editie van TW, maar het is de vraag of het genoeg is.
Technisch Weekblad is een uitgave van Beta Publishers.
© 2012 www.technischweekblad.nl - alle rechten voorbehouden.