Wolkenmakers moeten gaan betalen

16 januari 2009 Mark van Baal 19x gelezen

In december nam het Europees Parlement een pakket maatregelen aan om de uitstoot van CO2 terug te dringen. Één van de resultaten is dat bedrijven vanaf 2013 moeten gaan betalen voor hun koolstofdioxide-emissie. Europa wil in 2020 twintig procent minder broeikasgas uitstoten dan in 1990. Theoretisch klopt de rekensom, maar gaat het in de praktijk werken?

Wie naar een grote elektriciteitscentrale kijkt, ziet witte wolken de schoorsteen verlaten. Wolkenmakers noemen sommige kinderen de schoorstenen dan ook. Bij een grote kolencentrale gaat in de witte wolken iedere seconde zo’n 150 kilogram CO2 de atmosfeer in. De kolencentrale van elektriciteitsbedrijf Nuon naast de Coentunnel aan de westelijke ringweg van Amsterdam, bijvoorbeeld, verstookt 63 kilo kolen per seconde en iedere kilo verbrande kolen levert ongeveer 2,4 kilo CO2 op (de koolstofatomen uit de steenkool verbinden zich met zuurstof uit de atmosfeer), één van de veroorzakers van het broeikaseffect. Uit de schoorsteen komt dus iedere zeven seconden duizend kilo CO2, of een ton, ongeveer het gewicht van een middenklasser.

 

Vanaf 1 januari 2013 moet Nuon voor iedere ton CO2 een emissierecht kopen, net als alle elektriciteitsproducenten in Nederland. Dit is één van de belangrijkste onderdelen van het pakket maatregelen dat eind vorig jaar door het Europese Parlement is aangenomen. Na een aantal jaren proefdraaien met het emissiehandelssysteem, waarbij overheden emissierechten gratis uitdeelden aan industriële bedrijven, zullen bedrijven vanaf 2013 een deel van de emissierechten moeten kopen.

 

Nu krijgen bedrijven de rechten gratis, hoewel ieder jaar een fractie minder. In 2012 tien procent minder dan in 2005. Ze hoeven alleen rechten bij te kopen als ze meer produceren als ze aan rechten krijgen.

 

In 2007 stootten de twee schoorstenen van het Hemweg-complex (naast de Coentunnel), dat bestaat uit één gascentrale en één kolencentrale, 4,4 miljoen ton CO2 uit, terwijl het 3,9 miljoen ton aan rechten kreeg. Nuon moest dus voor een half miljoen ton emissierechten bijkopen. Bedrijven die minder uitstoten dan ze aan emissierechten kregen, kunnen hun overschot verkopen. Zo had staalfabrikant Corus, het voormalige Hoogovens, bijna vier miljoen ton over. Uit vraag en aanbod ontstaat een markt. Tweederde van de handel verloopt via handelaren, een derde via elektronische beurzen, bijvoorbeeldd European Climate Exchange (ECX) en European Energy Exchange (EEX). Een ton CO2 kostte eind december ruim vijftien euro. Midden 2008 was de prijs nog meer dan 28 euro. Dit European Trading Scheme (ETS), een gevolg van het zogenoemde Kyoto klimaatakkoord uit 1997, draait sinds één januari 2005 in Europa.

 

Vanaf 2013 krijgen bedrijven de emissierechten niet meer cadeau. Tenminste, de bedrijven die de Europese Commissie er niet van weten te overtuigen dat ze op een mondiale markt opereren en concurrentienadeel ondervinden uit landen waar hun concurrenten geen emissierechten hoeven te kopen. Waarschijnlijk zullen elektriciteitsbedrijven geen uitzonderingspositie krijgen en bijvoorbeeld staalbedrijven wel. Elektriciteit kun je immers niet van China of de Verenigde Staten naar Europa verschepen, staal wel.

 

Elektriciteitsbedrijven moeten daarom vanaf 2013 alle rechten kopen. Alleen Oost-Europese elektriciteitsbedrijven, die vooral bruinkoolcentrales exploiteren, hoeven niet direct mee te doen. De rest van de industrie moet in 2013 twintig procent inkopen. Dit loopt op tot honderd procent in 2025.

 

Voor Nederland betekent dit dat de hoeveelheid CO2 die de grote industriële complexen, zoals elektriciteitscentrales, raffinaderijen en hoogovens, mogen uitstoten, verder omlaag gaat én dat een deel van de rechten niet meer gratis zijn, maar op een veiling of op de markt moeten worden gekocht.

 

In 2007 mocht de Nederlandse Emissie Autoriteit (NEa), die de emissiecertificaten namens de ministeries van Vrom en EZ verleent, nog 87 miljoen ton uitdelen. Deze hoeveelheid is door de Nederlandse overheid bepaald, goedgekeurd door de Europese Commissie en verdeeld over de industriële bedrijven.

 

‘De overheid heeft in het begin wel royaal uitgedeeld’, zegt Jos Cozijnsen, consultant emissiehandel. Van de 87 miljoen blijkt de Nederlandse industrie maar 80 miljoen nodig te hebben. ‘Het plafond was royaal’, zegt Cozijnsen, ‘maar het gaat er nu om het plafond naar beneden te schroeven.’ In 2005 was dit nog 87 miljoen ton, in 2012 is het 10 procent minder, terwijl er zo’n honderd kleine bedrijven zijn bijgekomen, bijvoorbeeld chemische bedrijven en tuinders met wkk’s (warmtekrachtkoppelingen), waarmee ze zowel warmte als elektriciteit opwekken.

 

Bij elektriciteitsbedrijven is het in- en verkopen van emissierechten onderdeel van de bedrijfsvoering, net als het in- en verkopen van gas, kolen en elektriciteit. ‘Bij elektriciteitsbedrijven is de emissiehandel volledig geïntegreerd’, zegt Cozijnsen. Elektriciteitsbedrijven hebben handelsvloeren waar tientallen medewerkers elke dag elektriciteit, brandstoffen en nu ook CO2-emissierechten kopen en verkopen. Ze rapporteren hun uitstoot, die ze deels berekenen en deels meten, soms letterlijk met meeapparatuur in de schoorsteen, aan de NEa. Één van de taken van NEa is om de CO2-administratie als een technische accountant te controleren.

 

De invulling van ETS na 2012, zoals Europa in december is overeengekomen, heeft voor- en nadelen. Een eerste voordeel is dat Europa de doelstelling van twintig procent minder emissies van broeikasgassen gaat halen, tenminste theoretisch. Het plafond wordt immers jaar in jaar uit naar beneden geschroefd, zodat het in 2020 twintig procent lager ligt dan in 1990. Of de emissierechten nu gratis worden weggegeven of niet, maakt voor de uitkomst niet uit.

 

Een ander pluspunt van deze overeenkomst is dat het uitgaat van het Amerikaanse principe van cap & trade, een plafond vaststellen en verlagen en vervolgens verhandelen van de beschikbare emissierechten. De Europese Unie kan de nieuwe Amerikaanse president Barack Obama uitdagen om ook mee te doen eind van dit jaar in Kopenhagen, waar de volgende wereldwijde klimaattop zal worden gehouden.
Joris den Blanken, climate & energy policy director van Greenpeace Europa, is minder enthousiast over het pakket maatregelen. De grootste bezwaren die Greenpeace heeft, zijn dat de helft van de emissierechten nog steeds gratis worden uitgedeeld, dat bedrijven buiten Europa mogen compenseren en dat kolencentrales met CO2-afvang worden gesubsidieerd. Voor dit laatste heeft Premier Balkenende zich hard gemaakt tijdens de onderhandelingen met zijn Europese collega-regeringsleiders.

 

Doordat de emissierechten te royaal worden uitgedeeld, heeft Corus bijvoorbeeld vier miljoen ton aan emissierechten over, die het bedrijf kan verkopen. Bij een gemiddelde marktprijs van twintig euro, levert dit tachtig miljoen euro op. ‘Subsidie’, noemt Den Blanken het. Consultant Cozijnsen ziet het genuanceerder: ‘Corus heeft bijvoorbeeld elektriciteit ingekocht in plaats van zelf opgewekt, waardoor het minder emissierechten nodig heeft. Bovendien is de staalindustrie cyclisch. Blijkbaar viel de markt tegen en is er minder geproduceerd dan gepland, waardoor de uitstoot van CO2 minder is.’ Corus wil niet reageren. ‘De emissiehandel is nog met te veel onzekerheden omgeven’, verklaart woordvoerder Dick Schiethart.

 

Een tweede nadeel van het pakket Europese Richtlijnen is dat bedrijven emissierechten buiten de Europese Unie mogen kopen. In China bijvoorbeeld zijn ze veel goedkoper en is de controle minder streng, legt Den Blanken van Greenpeace uit. Daar kun je bijvoorbeeld emissiecertificaten kopen van andere broeikasgassen, bijvoorbeeld koelmiddelen, die in Europa al lang verboden zijn. Europa zal de twintig procent reductie voor de helft buiten Europa realiseren, verwacht hij.

 

Het derde nadeel is wat Greenpeace betreft het grootste. Het bouwen van kolencentrales blijft mogelijk en wordt zelfs gesubsidieerd. ‘Capture ready-centrales – centrales die zijn voorbereid op carbon capture & storage (ccs) – kunnen worden gesubsidieerd’, stelt Den Blanken. ‘Het probleem is alleen: het is geen bewezen technologie. Het gevolg zou kunnen zijn dat er in 2020 nieuwe kolencentrales staan zonder ccs.’ 

 

Top 10 CO2-uitstoters Nederland in 2007

 

bedrijfslocatie uitgedeelde emissierechten (mln ton) gerealiseerde emissies (mln ton)overschot / tekort (mln ton)
1Corus Staal B.V. IJmuiden10,36,43,9
2E.ON Centrale Maasvlakte 6,26,10,1
3Shell Nederland Raffinaderij BV 6,65,41,2
4Essent N.V.Amercentrale 6,95,21,7
5Electrabel Nederland N.V.Eemscentrale 4,34,5- 0,1
6Nuon Centrale Hemweg 3,94,4- 0,5
7Nuon Power Velsen 1,64,3- 2,8
8Electrabel Centrale Gelderland 2,23,1- 0,9
9Chemelot 3,63,00,6
10Nuon Power IJmond 0,52,4- 1,9
Totaal industrie87,079,97,1

bron: Nederlandse Emissie Autoriteit (NEa)

Technisch Weekblad is een uitgave van Beta Publishers.
© 2010 www.technischweekblad.nl - alle rechten voorbehouden.