‘Passende en beheersbare risico’s’ in het Noordpoolgebied | Technisch Weekblad
Achtergrond

‘Passende en beheersbare risico’s’ in het Noordpoolgebied

Thomas van de Sandt | donderdag 17 september 2015
Energie, Maritiem & Offshore, Milieu & Duurzaamheid

De belangen in de Chukchi Zee bij Alaska zijn hoog. Voor Shell mág het boren naar olie niet mis gaan. Het olie- en gasbedrijf heeft daarom een ongekende reeks veiligheidsmaatregelen genomen voor een exploratiemissie.

In augustus kreeg Shell officieel toestemming om in de Chukchi Zee bij Alaska naar olie en gas te boren. Inmiddels liggen het boorschip Noble Discoverer en het halfafzinkbare boorplatform Polar Pioneer voor anker boven het Burger-veld en wordt druk geboord aan de put op locatie Burger J.

Het is de meest controversiële booroperatie van dit moment. Dat Shell blijft inzetten op oliewinning in het Noordpoolgebied schiet milieu- en maatschappelijke organisaties in het verkeerde keelgat. Zij zien boren binnen de Poolcirkel als een onverantwoord risico voor een kwetsbaar ecosysteem en wijzen erop dat omwille van het klimaat de in het Poolgebied gevonden olie helemaal niet gebruikt zou moeten worden.

Daarbij komt dat het in 2012 bijna mis ging. Toen liep boorschip Kulluk, op weg terug van de Chukchi Zee naar Seattle, vast voor de kust van Alaska met 500 ton olie aan boord. Uiteindelijk lukte het dat schip weer vlot te trekken, maar het incident zorgde voor een flinke deuk in het vertrouwen dat Shell een veilige operatie in het onherbergzame gebied kon opzetten.

Het bedrijf ging terug naar de tekentafel en denkt met een reeks extra veiligheidsmaatregelen de risico’s van de boringen inmiddels goed te kunnen beheersen. ‘Het was een persoonlijke reis voor mij en vele anderen die bij het project betrokken zijn’, zei Shell-topman Ben van Beurden in augustus tegenover de BBC over zijn beslissing met het project door te gaan. ‘We geloven dat we op een verantwoordelijke manier naar olie en gas kunnen boren in Alaska. Een wereld zonder risico bestaat niet, dus we kunnen risico’s niet helemaal wegnemen, maar wel terugbrengen tot iets dat passend en beheersbaar is.’ In die opvatting wordt Van Beurden gesteund door de Amerikaanse overheid, die bij monde van het Bureau of Safety and Enviromental Enforcement de exploratiemissie goedkeurde.

IJsvrije maanden

Want het gaat nog met nadruk om een exploratiemissie, waarbij Shell niet direct een commercieel doeleinde heeft, maar onderzoekt of het daadwerkelijk olie naar boven kan halen op de plekken waar het reserves vermoedt. Beide booreenheden staan niet vast op de zeebodem en kunnen bij oprukkend ijs of andere slechte weersomstandigheden snel uit het gebied worden weggehaald. Sowieso is met de Amerikaanse overheid afgesproken om alleen in de ijsvrije maanden te boren. Aan het einde van het boorseizoen – ergens tussen eind september en midden oktober – haalt Shell de booreenheden weg om deze op andere plekken in de wereld aan het werk te zetten.

‘Het is nu nog te vroeg om over de productiefase te praten, gezien het feit dat we nog een commerciële ontdekking moeten doen’, zegt woordvoerder Jeanette Hamster. ‘En als we die ontdekking doen, duurt het nog zeker een decennium voordat we het hele ontwikkelingstraject van pijplijnen, platforms en vergunningen hebben kunnen doorlopen.’

Het mág niet misgaan

Voor een exploratiemissie zijn de risico’s natuurlijk aanzienlijk minder dan voor een productiefase, aangezien het om veel kleinere hoeveelheden olie gaat. Voor Shell zelf, dat een voortrekkersrol speelt met exploratie in het poolgebied, is de inzet echter enorm. Morst het bedrijf ook maar één druppel olie in de zee, dan is de kans groot dat de investeringen van $ 4 à 5 miljard weggegooid geld blijken te zijn en dat de plannen van Shell in op het continentaal plat van Alaska weer de koelkast in moeten. Het mág, kortom, niet mis gaan.

Het goede nieuws is dat de booroperatie in de Chukchi Zee technisch gezien relatief eenvoudig is. Ja, het gebied ligt erg afgelegen en de weersomstandigheden kunnen extreem zijn – hoewel het volgens Shell in veel opzichten minder erg is dan in de Noordzee – maar de waterdiepte bij het Burger-veld is niet meer dan 50 m. Dat is heel wat anders dan de 2 km die in de Golf van Mexico niet ongewoon is. Het grote voordeel van die geringe waterdiepte is dat daamee ook de druk op de zeebodem gering is en de boorput makkelijk te bereiken is wanneer de omstandigheden daarom vragen.

Een van de grootste risico’s voor de operatie is dat zeestromingen poolijs naar de boorlocaties voeren. Shell houdt het ijs daarom nauwlettend in de gaten. ‘Wij gebruiken satellietdata, sonar en patrouilles ter plaatse om de bewegingen van het ijs te monitoren’, vertelt Hamster. ‘De data die Shell daarbij verzamelt zijn zelfs zo uitgebreid dat de Amerikaanse regering heeft gevraagd die ook te mogen gebruiken om hun begrip van het poolgebied te kunnen verbeteren. We volgen het ijs op een vergelijkbare manier als we dat doen met orkanen in de Golf van Mexico. Als wij denken dat het ijs kritieke operaties kan beïnvloeden, vertrekken we uit het gebied tot het ijs voorbij is.’ Onder de 29 ondersteuningsvaartuigen die bij de missie zijn betrokken, bevinden zich twee ijsbrekers, de Fennica en de Nordica, die worden ingezet voor de patrouilles en het breken van het ijs waar dat nodig is.

Meerlaags beveiliging

Ook rondom de put neemt Shell uitgebreide veiligheidsmaatregelen. Het meest bijzondere is dat er naast een blowout preventer op de zeebodem, die de put in een noodgeval kan afsluiten, nog twee systemen klaar staan op de ondersteuningsschepen: een capping stack en een arctic containment system. ‘Geen van deze systemen is standaard. Het is zelfs nog nooit gebeurd dat ze voor de exploratie-activiteiten van één enkele maaatschappij worden ingezet’, aldus Hamster.

De capping stack is een stalen constructie, vergelijkbaar met de installatie die na de ramp met de Deepwater Horizon in de Golf van Mexico uiteindelijk het boorgat dichtte. Deze past precies op de boorpijp om deze alsnog af te sluiten als de blowout preventer niet werkt. Gaat ook deze operatie niet goed, dan kan Shell gebruikmaken van het arctic containment system, een koepel die over het boorgat geplaatst kan worden om lekkende olie op te vangen en naar een tanker te pompen.

Ook heeft Shell een scenario paraat om een zogenaamde relief well naar de bestaande put te boren om met zware modder de oliestroom te stoppen en uiteindelijk beide putten met cement af te sluiten. Mocht er uiteindelijk toch olie lekken, zijn de supportschepen uitgerust om met onder andere drijvers te zorgen dat de olievlek zich niet snel kan verspreiden. Ook langs de kust zijn diverse schepen en vliegtuigen oproepbaar om bij een eventueel olielek in actie te komen.

Veel veiligheidsmaatregelen dus, die als het goed is niet nodig zullen blijken te zijn. Vooralsnog brengt Shell maar mondjesmaat nieuws naar buiten over de vorderingen bij het Burger-veld. Over een kleine maand zullen we meer weten over hoe het huidige boorseizoen is verlopen. Aan een voorspelling waagt de oliemaatschappij zich niet. Hamster: ‘Ons schema wordt bepaald door het weer en ons vermogen om goed te kunnen opereren. Daarom verbinden we geen tijdlijn aan de operaties.’

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!