Artikelen

Europa loopt achter met het aanvragen van quantum octrooien

De ontwikkeling van quantumtechnologie is de laatste jaren in een stroomversnelling geraakt. Het is niet langer uitsluitend het terrein van universiteiten en onderzoeksinstituten, ook steeds meer startups en grote bedrijven zoals Microsoft, Google en IBM werken aan de technologie die bijzondere eigenschappen van de quantumwereld gebruikt om taken uit te voeren die met een ‘gewone’ computer nagenoeg onmogelijk zijn. ‘En als er commerciële belangen om de hoek komen kijken, zie je dat er ook over intellectuele eigendomsrechten (met name octrooien) wordt gesproken’, vertelt Erik Visscher van octrooigemachtigdenkantoor DVME.

‘Quantum computing is nog een onontgonnen gebied, waar de meeste ontwikkelingen academisch zijn’, zegt Visscher. ‘Dat maakt het interessant voor early adopters. Als je op het goede paard – of de goede qubit – wedt dan heb je een waardevol octrooi in handen.’

De eerste quantum-octrooiaanvragen werden gedaan in de jaren 90. De afgelopen vijf jaar is er een sterke, bijna exponentiële stijging in de hoeveelheid ingediende aanvragen. Het aantal aanvragen is ten opzichte van 2013 vertienvoudigd. De oorzaak is waarschijnlijk dat het rond 2014/2015 duidelijk werd dat qubits, de bouwstenen van quantumcomputers, werken. Tot dan waren quantumcomputers vooral een theoretisch idee omdat de benodigde technologie nog niet beschikbaar was.

De octrooiaanvragen betreffen hardware en software. De hardware is nodig om een quantumcomputer of quantumverbinding te realiseren. Hieronder vallen bijvoorbeeld (de productie van) qubits, de informatie-eenheden die in tegenstelling tot klassieke bits, tegelijkertijd 1 en 0 kunnen zijn, waardoor ze bepaalde berekeningen sneller uit kunnen voeren. Om quantumcomputers aan te sturen is speciale software nodig.

Er is verschil tussen partijen die software en die hardware ontwikkelen, vertelt Visscher. ‘IBM voert de ranglijst wat betreft de hardware aan, terwijl in de software Microsoft het actiefst is. De ranglijsten bevatten inmiddels ook universiteiten, onderzoekscentra en startups, veelal uit de VS, China en Japan.’

In Europa en Nederland worden nog relatief weinig octrooiaanvragen op dit gebied ingediend, terwijl bijvoorbeeld het Delftse onderzoeksinstituut QuTech een grote rol speelt. Visscher: ‘In de VS, China en Japan wordt actief geoctrooieerd. Als we een serieuze partij willen worden is een actief octrooibeleid noodzakelijk om belangrijke octrooien op onze te krijgen. Daar zal onze economie uiteindelijk de vruchten van plukken.’

De anderhalf jaar jonge, Nederlandse quantum-startup Qblox verdiept zich in octrooiaanvragen, vertelt Niels Bultink. ‘Er komt een licentieovereenkomst met de TU Delft en TNO, en we verkrijgen zo het recht op het gebruik van een van hun patenten. Daarnaast zijn we zelf bezig met het identificeren van eigen technologische vondsten die we kunnen patenteren.’ Qblox werkt aan de interface tussen de quantum-technologie en de klassiek wereld. Het viel ook Bultink op dat er in Europa weinig quantum gerelateerde octrooiaanvragen zijn. ‘Mogelijk komt dat doordat er in Europa minder bedrijven actief zijn op dit gebied. Het is nu vooral het terrein van universiteiten en onderzoeksinstituten. Vooral voor bedrijven is het een belangrijke manier om waarde en je positie ten opzicht van concurrentie te versterken. Investeerders hechten er belang aan.’

Visscher sluit zich hierbij aan: ‘Beleidsmakers, onderzoekers, beginnende ondernemers, universiteiten en onderzoeksorganisaties zullen moeten begrijpen dat een octrooi niet alleen een juridisch middel is maar vooral ook een business tool om technologie te valoriseren, investeerders aan te trekken, waarde te creëren in de organisatie en 'leverage' te creëren in contract onderhandelingen.’

Ontvang de nieuwsbrief, binnenkort 2 keer per week

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW