Dat meen je niet ... Hoe de wetenschap F1-coureur Grosjean van de dood redde | Technisch Weekblad
Tips

Dat meen je niet ... Hoe de wetenschap F1-coureur Grosjean van de dood redde

Jan Spoelstra | woensdag 16 december 2020
Veiligheid, Werktuigbouw

In deze rubriek staat TW stil bij opmerkelijke feiten, die een verassende blik werpen op de lopende actualiteit. Afgelopen weekend won Verstappen de laatste F1 Grand Prix van 2020, nadat twee weken eerder één van de zwaarste crashes uit de F1 geschiedenis plaats vond – en de coureur veilig uit de vlammen weg liep.

Met 221 km/h ging Romain Grosjean tijdens de GP van Bahrein rechtsaf richting de vangrail door een door zichtzelf veroorzaakte touché met een andere wagen. Een aantal compleet doorontwikkelde veiligheidsmaatregelen zorgen ervoor dat de coureur als een held uit de vlammen kon stappen.

520 m/s2, of 53 G, is de versnelling die Grosjean te verduren kreeg. Overleven terwijl je snel uit de auto moet betekent dan: niet buiten westen raken. Daartoe breekt alles van de auto af dat los en vast zit, hetgeen fungeert als kreukelzone. De coureur zit bovendien klem in een vijfpuntsgordel die de impact verdeeld over het lichaam. Tussen de helm en schouders zit een nekbrace, waardoor de nek bij impact niet te ver door kan knikken. Bij Grosjean heeft ook de halo, de 7 kg zware ring boven de cockpit die het gewicht van een stadsbus kan hebben voor hij vervormt, zijn werk gedaan door de vangrail waar de auto onderdoor schoot over de coureur te leiden.

Verder houd het brandwerende materiaal van de race overalls het circa 35 s uit voordat tweedegraads brandwonden optreden in een benzinebrand. De pakken zijn gemaakt van het in jaren '60 door Dupont ontwikkelde Nomex, het materiaal verkoolt en hard uit bij grote hitte, wat tot nog een extra isolatie leidt. Verder moeten de coureurs ‘op het droge’ binnen 9 s uit de auto kunnen klimmen.

Om de coureur en brandstoftank heen zit een monocoque van gegoten koolstofvezel die praktisch onvervormbaar is. De brandstoftank zit met slangen die uit de luchtvaartindustrie komen aan de motor vast, en die klappen dicht bij grote impact. Dat zorgt ervoor dat sinds de jaren ’80 geen brand meer plaatsvond na een grote crash. Hier zal het onderzoek van de FIA zich met name op richten. Zonder de vlammen zou het weliswaar een stevige, maar toch gewone crash geweest zijn.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!