Nieuws

6000 Jaar ingenieurswerk

6000 Jaar spanning tussen theorie en praktijk, 6000 jaar rekenen en tekenen, 6000 jaar een mannenbolwerk.

Mesopotamië, zesduizend jaar geleden. Als de eerste mensen het nomadenbestaan achter zich laten en zich vestigen op de vruchtbare oevers van Eufraat en Tigris, ontstaat de techniek. Niet dat er meteen een woord voor is, dat komt pas later. De term ingenieur – afgeleid van het latijnse ‘ingenium’ (vernuftigheid) – duikt pas op in de late middeleeuwen. Daarvóór spreekt men van technische specialisten.

De maatschappelijke status van ingenieurs, toen nog technische experts, is nooit groter geweest dan in het Mesopotamië van duizenden jaren geleden. Zij behoren tot de hofhouding van de koning, en de koning zelf is de ingenieur par excellence. Niet zo vreemd, want er wordt vooral in opdracht van de koning gebouwd.

Door het bouwprogramma van Sanherib, koning van Assyrië (704 – 681 voor Christus), wordt Ninivé de grootste, mooiste en best verdedigde stad van de oude Oriënt. Hij laat een enorme stadsmuur bouwen, een paleis en een kazerne, waardoor het stadsoppervlak van 130 naar 750 hectare wordt vergroot. Vier kanalen leiden water uit de bergen naar Ninivé.

De Verein Deutscher Ingenieure (VDI) heeft vanwege haar 150-jarig bestaan een studie laten verrichten naar de geschiedenis van het ingenieursberoep. Dat heeft het rijk geïllustreerde boek ‘Geschichte des Ingenieurs, ein Beruf in sechs Jahrtausenden’ (Hanser Verlag, 29,95 euro) opgeleverd, geschreven door hoofdzakelijk Duitse techniekhistorici. Het boek leidt in acht hoofdstukken van de oudheid – Mesopotamië, Griekenland, Romeinse Rijk – via de middeleeuwen naar de nieuwe tijd. Het werd gepresenteerd tijdens een VDIcongres op 2 en 3 maart over ‘6000 Jahre Ingenieurarbeit: Naturbeherrschung und Weltveränderung’ in Düsseldorf.

Tijdens het grootste deel van deze zesduizend jaar zijn er alleen maar bouwen krijgsingenieurs. Techniek beperkt zich vele eeuwen tot (water)bouwen oorlogsstechniek, tot de bouw van huizen en paleizen, van bruggen, dijken en dammen, en van wapens en fortificaties. Pas de Industriële Revolutie, met machinebouw en chemie, opent de weg naar moderne ingenieursberoepen zoals we die nu kennen.

 

Theorie en praktijk

In zesduizend jaar heeft de techniek zich vanuit de praktijk ontwikkeld, met gaandeweg steeds meer theoretische onderbouwing. Een moderne ingenieur is zowel theoretisch als praktisch geschoold. Over de verhouding tussen die twee wordt vreemd genoeg nooit gediscussieerd, alsof het een natuurconstante betreft.

Het ingenieursberoep heeft zich echter niet overal gelijk ontwikkeld. Engelse en Amerikaanse ingenieurs verschillen van hun Duitse en Franse collega’s. De eerste twee zijn meer empirisch geschoold, de laatste twee meer theoretisch. Angelsaksische ingenieurs zijn bovendien meer op de commerciële sector georiënteerd dan op de staat.

In Engeland is de Industriële Revolutie begonnen in een tijd dat ingenieurs nog nationale helden waren. Maar in 1848 houdt de vooraanstaande Engelse ingenieur Isambard Kingdom Brunel een invloedrijke rede waarin hij zich geringschattend uitlaat over theoretische scholing voor ingenieurs. Dat heeft grote invloed gehad op de opleiding van Britse ingenieurs. Na 1870 verliest de Engelse ingenieurscultuur aan vitaliteit.

Dat houdt meteen ook een waarschuwing in, want Britse technische universiteiten en ingenieurs genieten internationaal niet meer het hoogste aanzien. Het hoogtepunt van de Engelse techniek ligt in het stoomtijdperk, in de eerste helft van de negentiende eeuw. In veel westerse landen geniet wetenschap een hoger aanzien dan techniek, maar in Engeland is het onderscheid groter. Dat weerspiegelt zich in verschillende maatschappelijke facetten van diverse landen. In Engeland zijn ingenieurs overwegend afkomstig uit lagere sociale milieus dan in andere westerse landen, en het beroep biedt minder kans op sociale stijging. De sociale status van techniek weerspiegelt zich ook in de musea. Londen herbergt het Science Museum, maar München kent een Technisches Museum, en Chicago heeft een Museum of Science and Industry.

De Amerikaanse ingenieursopleiding is rond 1800 opgezet naar het Britse voorbeeld. Maar na de Tweede Wereldoorlog hebben de Amerikanen die verhouding verschoven ten gunste van een meer wetenschappelijke onderbouwing van het vak.

 

Mannenbolwerk

Het beroep van ingenieur is al zesduizend jaar lang een mannenbolwerk. De voormalige communistische Deutsche Demokratische Republik (DDR) vormt echter – uit nood geboren – een uitzondering.

Een aanzienlijk deel van de volwassen mannen is al ingenieur of in opleiding daarvoor. Omdat de communistische partijleiding er veel aan gelegen is de DDR op te stoten in de vaart der volkeren, wordt ook een beroep op vrouwen gedaan zich in de techniek te scholen. Rond 1980 telt de DDR op ruim twintig miljoen inwoners vijfhonderdduizend ingenieurs, evenveel als de Bondsrepubliek Duitsland met een bevolking van zestig miljoen. Van alle Oost-Duitse ingenieurs is dan dertig procent vrouw, in de informatietechnologie zelfs bijna de helft. In Nederland is tien procent van de ingenieurs vrouw.

De DDR vormt in meer opzichten een uitzondering. Partijleider Ulbricht hecht, overigens veel meer dan zijn opvolger Honecker, aan een stevig wetenschappelijk en technisch fundament, niet alleen voor de ontwikkeling van zijn land, maar ook als bron van staatsmacht. Er worden grote projecten opgezet voor ontwerp en bouw van vliegtuigen en kerncentrales. Die hebben echter weinig resultaat.

Midden jaren vijftig werken er achtduizend mensen in de vliegtuigfabriek in Dresden. Het prototype van het eerste vliegtuig stort echter neer tijdens zijn maidenflight. In 1966 gaat de eerste Oost-Duitse kerncentrale – volgens eigen ontwerp – in bedrijf. Deze wordt in 1990 weer stilgelegd. Daarvóór al heeft de DDR-leiding de nucleaire ontwikkeling, waarin 3500 mensen werkzaam waren, stilgelegd en is overgegaan op import van Russische kerntechniek.

Het communistische bewind gaat ver in haar centralisatiedrift. Zo worden de constructiebureaus bij bedrijven weggehaald en per branche opgezet, vanuit de gedachte dat dit efficiënter zou zijn. Later is deze maatregel weer teruggedraaid.

 

Tekeningen

In zesduizend jaar ontwikkeling van het ingenieursberoep spelen media voor kennisvastlegging en –overdracht – tekeningen, modellen, contracten – een belangrijke rol. In de oudheid wordt al gebruik gemaakt van technische tekeningen en driedimensionale modellen, maar die raken in de eerste helft van de middeleeuwen in onbruik. Tijdens de Renaissance (1500–1700) worden ze herontdekt. Met name Leonardo da Vinci is bekend vanwege zijn vele technische schetsen.

Vandaag de dag regeert de computer het ingenieursberoep. Het begint enkele decennia geleden met computerondersteund ontwerpen. Berekening van constructies met de eindige elementenmethode neemt een grote vlucht als geavanceerd rekentuig beschikbaar komt. Tegenwoordig maken ingenieurs gebruik van virtual reality en simulatiesoftware om hun ontwerpen aan de praktijk te toetsen.

Men bezint zich echter op de grenzen van deze nieuwe hulpmiddelen. De proef op de som wijst nog altijd uit of een ontwerp voldoet, niet de resultaten van een simulatieproces. De praktijk is veel ingewikkelder dan welk model ook. Dat bewijst bijvoorbeeld de vermoeiingsscheur die onlangs bij een belastingsproef is opgetreden in een vleugel van de nieuwe Airbus 380. Het CAD-model van de vleugel is op de computer uitvoerig getest, maar de echte vleugel doorstaat een praktijkproef niet zonder (kleer)scheuren.

 

Toren van Babel

Zesduizend jaar geschiedenis van de techniek heeft niet alleen successen maar ook mislukkingen opgeleverd. De Toren van Babel is het oudste voorbeeld. In de huidige tijd getuigen Star Wars en het vijfde generatie computerproject van menselijke overmoed. Het boek Geschichte des Ingenieurs gaat echter vooral in op de successen, zoals het bij een jubileum hoort.

 

www.hanser.de/technik

Deel deze pagina
Gratis proefabonnement TW

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers TW

Ontvang de nieuwsbrief, binnenkort 2 keer per week!

Meld je nu aan!

Vision & Robotics

Vision & Robotics is hét onafhankelijke vakblad voor machinebouwers, system integrators en eindgebruikers van productielijnen in de maak- en agro-/foodindustrie. 

Graag meer lezen over onderwerpen zoals robotica, sensoren, kunstmatige intellegentie en nog veel meer klik hier

Vision & Robotics heeft ook een nieuwsbrief! klik hier om je in te schrijven.

TW online gratis voor jongeren

TW Investeert in technisch onderwijs

Leerlingen tot 18 jaar lezen gratis TW. Meld je aan en ontvang 23 online edities per jaar geheel gratis!

Naar boven