Nieuws

Geen techniek zonder wiskunde

Kan het wat minder met wiskunde tijdens de ingenieursopleiding, zo luidde de vraag aan 25 geselecteerde lezers van deze krant. Antwoord: niet minder, wel anders.

Ir. Jacqueline Vaessen (1965), sinds 1 april 2002 regiodirecteur bij Syntens Midden Nederland, heeft van 1983 tot 1989 de opleiding chemische technologie aan de TU Eindhoven gevolgd. Wiskunde is onderdeel van die studie. Drie vakken in het eerste jaar – Calculus 1, 2 en 3 en twee in het tweede Lineaire algebra 1 en 2.

‘Hoewel het niet mijn meest favoriete vakken waren, is gedegen kennis van differentiëren en integreren toch redelijk essentieel om later allerlei andere fenomenen – denk alleen maar aan het afleiden van de derde hoofdwet van de thermodynamica – te kunnen begrijpen. Daarnaast is de functieanalyse en het oplossen van vergelijkingen iets dat je in de praktijk ongemerkt erg vaak gebruikt.

‘In mijn loopbaan heb ik zelden meer zelf integralen of differentialen opgelost, maar door de training op de universiteit heb je wel een gevoel gekregen voor dit soort opgaven, zodat je kunt inschatten of de uitkomst in de goede range ligt. Ik zou het niet erg geruststellend vinden als ingenieurs klakkeloos af zouden gaan op berekeningen van computers.’

 

Vormende waarde

Techniek gaat niet zonder wiskunde. Dat is de conclusie uit reacties op een kleine e-mail enquête van de redactie onder 25 geselecteerde lezers van Technisch Weekblad, waarvan er achttien hebben gereageerd. De reactie van Vaessen staat in grote lijnen model voor de andere zeventien.

Iedereen is overtuigd van het nut van wiskunde in het onderwijs aan aanstaande ingenieurs. Men roemt de vormende waarde van wiskunde, studenten leren daardoor abstract te denken, en ze leren de gemeenschappelijke taal van ingenieurs kennen. Prof.dr. Jaap van den Herik, hoogleraar informatica aan de universiteiten in Maastricht en Leiden: ‘Wiskunde leert je denken, zoals Grieks je leert puzzelen’.

Op een enkeling na geven ze ook alle achttien te kennen dat ze in hun beroepsleven voordeel hebben gehad van die vorming, die manier van denken, ook al zijn ze in functies ver van de techniek gaan werken. Van den Herik: ‘Ik beschouw wiskunde nog altijd als een ideale opleiding om de maatschappij in te stappen. Ik heb er veel gebruik van gemaakt om problemen op te lossen. Denk aan begrippen als volledige inductie, reeksen, equivalentieklassen, regressieanalyse, correlatie, statistiek, stochastiek, datamining, te veel om op te noemen’.

Maar een conclusie is ook dat slechts de helft van die achttien daadwerkelijk van hogere wiskunde gebruik maakt in de beroepspraktijk, of die in het verleden gebruikt heeft. De andere helft heeft na de studie nooit meer een differentiaalof integraalberekening opgelost. Drs.ing. Joris Vogelaar, manager IOP bij Senter: ‘In alle eerlijkheid heb ik dit vak in mijn loopbaan nauwelijks nodig gehad, mogelijk alleen voor boekhouden.’

 

Iets minder

De redactie van Technisch Weekblad heeft vorig najaar deze enquête uitgezet, omdat de indruk bestond dat het wel wat minder kon met wiskunde in de ingenieursopleiding. Er waren signalen dat er in de praktijk maar weinig gebruik werd gemaakt van die kennis, zeker naarmate steeds meer ingenieurs buiten de techniek werkzaam raken. Van alle pas afgestudeerde ingenieurs krijgt meteen al een kwart een niettechnisch beroep. In de loop van de carrière – soms al na enkele jaren – komen steeds meer ingenieurs in functies buiten de techniek, met name in het management, terecht.

Bovendien is wiskunde niet bepaald een populair vak tijdens de studie. Wiskunde is saai en moeilijk en dat imago straalt af op de techniek. Sommigen moeten vanwege die wiskunde hun studie vroegtijdig afbreken. Jongeren in het voortgezet onderwijs zien vanwege dat wiskundepakket af van een ingenieursopleiding. Vandaar de vraag: kan het ook wat minder?

Nee dus, vanwege de vormende waarde, het abstract leren denken, en het leren kennen van de ‘taal’ van ingenieurs. Maar er zijn ook nuanceringen. In het vak wiskunde op de technische universiteit en het technische hbo ligt de nadruk teveel op sommetjes maken en te weinig op het bijbrengen van inzicht. Chemisch technoloog ir. Roel Moonen, consultant voor productiebedrijven in de procesindustrie bij de Arnhemse ARV Group: ‘Sommetjes maken is misschien niet slecht om routine te krijgen, maar de onderdelen abstraheren van een werkelijk probleem naar een wiskundig probleem, en verderop de vertaling van de wiskundige uitkomst naar de praktische oplossing, blijven onderbelicht’.

Verder signaleert Moonen dat door de opkomst van krachtige computers en rekenprogramma’s het bouwen van mathematische modellen en simulaties sterk naar de voorgrond is getreden. Dat heeft de neiging om door te slaan naar het creëren van een bijna virtuele wereld. Het risico is dat de uitkomsten van een mathematisch model de voorkeur krijgen boven bevindingen uit de praktijk. ‘Simuleren wordt zo weten, in plaats van meten is weten. Bovendien raken studenten en ingenieurs hierdoor steeds minder bedreven in experimentele vaardigheden en het goed leren waarnemen.’

 

Inventief denken

Een derde nuancering. ‘Ingenieurs’ vormen een veel te diverse groep om een algemeen antwoord te geven op de vraag wat het nut van wiskunde is en of ze teveel rekenen. Voor onderzoekers en constructeurs ligt het anders dan voor managers en beleidsambtenaren. Voor  een  vliegtuigbouw-,  scheepsbouw-, civiel, wiskundig, informatica-, natuurkundeen scheikunde-ingenieur is het nut groot, voor een milieukundige ligt het anders.

‘In de telecomsector is wiskunde niet van belang’, schrijft ir. Jack Schifferling.

‘Daar wordt meer geëist om dingen voor elkaar te krijgen, dus is een mate van creatief en inventief denken en handelen vereist.’

Ir. Jacqueline Vaessen, regiodirecteur bij Syntens Midden Nederland, doet in haar huidige baan niets meer met wiskunde, maar evenmin met haar opleiding als chemisch technoloog. Niettemin  beoordeelt  ze  de  aan  de  TU Eindhoven verworven kennis als zeer nuttig. Ze is de afgelopen jaren dan ook anders tegen haar opleiding aan gaan kijken.

‘Wat ik in Eindhoven heb geleerd, is een methode om snel informatie te verwerken, die op te delen in hapklare brokken en de deeloplossingen weer samen te voegen tot een totaaloplossing. Kortom, ik heb geleerd analytisch en probleemoplossend te werk te gaan. Deze manier van denken komt mij uitermate goed van pas in mijn huidige functie. Ik gebruik de bagage uit Eindhoven dus nog steeds.’

Ontvang de nieuwsbrief, binnenkort 2 keer per week

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW