Hoge molens vangen meer turbulentie | Technisch Weekblad
Nieuws

Hoge molens vangen meer turbulentie

Krachtige luchtstromingen in de lagere atmosfeer, zogenaamde low-level jets, geven windmolens een extra boost, zelfs als deze stromingen onder de steeds hogere windmolens door gaan. Dit kan invloed hebben op hoe windmolenparken opgezet worden.

‘Tot niet zo lang geleden werden windmolens niet zo hoog gebouwd’, vertelt Richard Stevens van de Universiteit Twente, die met Srinidhi Gadde het effect van de low-level jets onderzocht. ‘Nu turbines steeds groter worden, wordt het feit dat je lokale stroomversnellingen hebt op  hoogtes vanaf 50 tot 1000 meter relevant. De vraag is wat gebeurt er daar, en hoe goed kun je dat voorspellen?’

De low-level jets zijn te zien als rivieren van wind die met hoge snelheid door de atmosfeer stromen. Stevens en Gadde zagen door een simulatie van een windmolenpark met 40 windmolens dat wanneer deze low-level jet precies op de hoogte van de turbine stroomt, alleen de eerste rij molens daarvan profiteert. Stroomt de jet boven de turbines langs, dan trekt de turbulentie in het park de jet omlaag en profiteert elke turbine van deze extra wind.

‘De grootste ontdekking is dat als een heel sterke stroming onder de turbines doorgaat, deze door de turbulentie onverwacht omhoog wordt getrokken. Dat effect is veel gunstiger dan wat we hadden verwacht’, zegt Stevens. ‘Aangezien dat effect optreedt, is de wind sneller hersteld dan origineel voorzien en kunnen de windmolens dus dichter bij elkaar staan.’

Of sprake is van een low-level jet zal proefondervindelijk op een locatie moeten worden vastgesteld. ‘Wat de precieze afstand tussen molens moet worden, hangt ook van de locatie, de kosten en het gebruikte gebied af.’

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW