Icos zet bedrijven zo snel mogelijk op eigen benen | Technisch Weekblad
Nieuws

Icos zet bedrijven zo snel mogelijk op eigen benen

Icos Capital wil met haar investeringen een bijdrage leveren aan een duurzamere wereld. Maar het moet wel winstgevend zijn.

De klimaatambities van ‘Kyoto’ zijn vanuit investeringsoogpunt ‘fenomenaal groot’, aldus general partner dr. Peter van Gelderen van Icos Capital. Om de wereldwijde CO2-uitstoot van de huidige 50 Gton per jaar terug te brengen naar 35 Gton in 2030 zijn alle denkbare technieken nodig, ook die nu nog niet financieel renderen. Hij toont een grafiek die aangeeft welke technieken de overheid het best kan stimuleren om de meeste CO2-winst te realiseren. Tot nu toe gebeurt dat vooral in laagrenderende zon- en windenergie. De aandacht van Icos gaat daarentegen uit naar nu al renderende zaken zoals recycling en efficiëntieverbetering in de industrie, door beter gebruik van metalen en water.

Icos Capital, een venture capitalist, geeft risico-kapitaal aan startende en jonge bedrijven die een of andere vorm van ‘cleantech‘ willen gaan exploiteren. ‘Onze investering moet een bijdrage leveren aan een duurzamere wereld, en het moet winst opleveren’, zegt Van Gelderen.

Deze venture capitalist is 3,5 jaar geleden van start gegaan. Het werkkapitaal van tien miljoen euro is afkomstig van grote bedrijven zoals Imtech, CSM en Farm Frites, en van ‘informal investors’. Bij Icos is een zestal mensen werkzaam die hun sporen hebben verdiend in de industrie of in de financiële wereld. In 2010 hoopt Icos honderd miljoen euro beschikbaar te hebben voor investeringen.

Risico-investeerders, en dus ook Icos, krijgen regelmatig het verwijt dat ze agressief opereren. Ze stellen zware eisen, willen een groot belang in een starter, willen het product snel in de markt zetten en claimen het recht om desnoods het management te vervangen als de zaken zich niet snel genoeg ontwikkelen. ‘We móéten wel om het bedrijf zo snel mogelijk op eigen benen te zetten’, zegt Van Gelderen. Hij is gepromoveerd natuurkundige en heeft gewerkt bij Philips Research en drie Nederlandse universiteiten.

Als vuistregel geldt dat van de investeringen in tien bedrijven er slechts twee zoveel geld opleveren dat ze alle investeringen in deze tien ruimschoots terugverdienen.

Jaarlijks komen er bij Icos zo’n driehonderd ideeën en voorstellen voor nieuwe business langs. Soms zijn die heel pril, is er alleen een prototype, soms een business plan. ‘Ontwikkelaars denken dat met een prototype tachtig procent van het werk gedaan is. Maar het moeilijkste komt nog: klanten vinden die willen betalen’.

Van die driehonderd gaat Icos er met vijf verder. Voor de selectie gelden criteria zoals: is de techniek veelbelovend, is bescherming van het intellectuele eigendom mogelijk, is opschaling mogelijk, kan het management meegroeien, zijn er geen implementatiehobbels zoals vergunningen die vertraging opleveren?

Die vijf krijgen om te beginnen een miljoen euro. Daar kunnen ze twee jaar mee vooruit. Sommige starters hebben dan voldoende omzet om zelfstandig verder te groeien. De meeste hebben echter meer geld nodig. Ze krijgen vijf miljoen en, indien nodig, in een volgende ronde nog eens tien miljoen.

Is een bedrijf eenmaal een succes dan is het voor Icos Capital tijd om uit te stappen. Het wordt dan verkocht aan een veel grotere onderneming of het wordt naar de beurs gebracht. Dan komt er veel meer kapitaal beschikbaar en kan het bedrijf de wereld veroveren.
Het cleantech-fonds van Icos Capital is nog te jong om dat hele traject al te kunnen hebben doorlopen. De meeste participaties lopen twee tot drie jaar. Voor 2010 staan zeker twee nieuwe deelnemingen op het programma.

Icos investeert in ‘cleantech’ die onafhankelijk van subsidies voldoende rendement kan maken. Dus bijvoorbeeld niet in windmolens voor stroomopwekking. Een grote windturbine kost de staat jaarlijks één miljoen euro aan subsidie. ‘We hebben er onvoldoende vertrouwen in dat de overheid dat twintig jaar lang volhoudt’, zegt Van Gelderen. ‘En zeker niet als doordringt dat een even dure metaalrecyclingsinstallatie van Resteel, één van onze participaties, op zijn minst dezelfde CO2-besparing geeft, maar dan zonder subsidie’.
Een andere veelbelovende participatie van Icos betreft Dutch Rainmaker. Dit Friese bedrijf bouwt windmolens, maar niet voor elektriciteitsopwekking. De molens condenseren water uit de lucht en kunnen ook drinkwater maken uit zout of verontreinigd water. Ze zijn bedoeld voor toepassing in droge gebieden. Onlangs heeft Dutch Rainmaker zijn eerste turbines verkocht.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!