‘Ik ben eigenlijk zonder veel planning van de ene baan in de andere gerold’ | Technisch Weekblad
Nieuws

‘Ik ben eigenlijk zonder veel planning van de ene baan in de andere gerold’

Prof.ir. Wim Dik is de machtigste ingenieur van Nederland. Hij heeft carrière gemaakt bij Unilever en KPN, met tussendoor een staatssecretariaat bij Economische Zaken. Momenteel heeft hij nog veertien bestuursfuncties, waaronder commissariaten bij ABN AMRO, Tele Atlas, Casema, Holland Casino en Carré. Ook is hij voorzitter van Omroep Brabant en van de Raad van Toezicht van Museum Boerhave. Een gesprek over carrière en macht.

Hoe voelt het om de machtigste ingenieur van Nederland te zijn?

‘Ach, er zijn zoveel van die lijstjes. De verkoper, de marketeer, de manager van het jaar. Het zegt niet zoveel. De samenstellers kiezen vijf criteria om een score te bepalen en sluiten daarmee vijftien andere uit. Ik lees dit soort lijstjes altijd met een glimlach. En over mijn ingenieur-zijn: ik ben het grootste deel van mijn leven een uit de rails gelopen ingenieur geweest. Na mijn afstuderen aan de TH Delft in 1963 kon ik overal aan de slag, maar iedereen wilde mij de R&D in hebben. Ik ben echter geen onderzoeker. Ik ben een improvisator, ik wilde het bedrijfsleven in. Ik vind het leuk om met mensen te werken, en mensen vinden het vaak ook leuk om met mij te werken.’

 

Wat zijn de doorslaggevende factoren geweest in uw carrière?

‘Terugkijkend valt vooral de grote rol van toeval op. Ik ben eigenlijk zonder veel planning van het een in het ander gerold. Ik zeg daarmee niet dat je niet moet plannen, maar planning heeft ook zijn beperkingen. Doorslaggevende factoren zijn vooral geweest mijn enthousiasme, mensen herkennen dat. In mijn beoordelingen heeft ook altijd gestaan dat ik ijverig en behulpzaam ben. Ik vraag dat ook terug van mensen. Verder ben ik een gezelligheidsdier, ik wil mijn werk leuk maken. Die sfeer verspreid ik ook om mij heen. En ik bijt me vast in wat ik doe.’

‘Ik heb het allemaal ook niet zo geambieerd. Ik ben fabrieksdirecteur geweest bij Unilever in Oss. Destijds zeiden ze bij Unilever dat je alleen naar Oss werd gestuurd als ze in Rotterdam niets in je zagen. Maar ik vond het er leuk. Als iemand toen tegen mij zou hebben gezegd: dit doe je de rest van je leven, dan had ik daar geen enkel probleem mee gehad. Toen ik staatssecretaris was dacht ik na één jaar hetzelfde.’

 

U noemt uw technische studie niet.

‘Nee, maar ik voel me ingenieur. Ik geloof in techniek. Ik heb destijds ook heel bewust voor een technische studie gekozen. Ik wil vanuit de techniek bijdragen aan de samenleving. Een academicus leert logisch denken, een ingenieur leert nog beter logisch te denken. Je leert ook om in oplossingen te denken, hoe alles steeds beter te doen.’

 

Hoe hebt u de concurrentiestrijd om de macht met bedrijfseconomen, bedrijfskundigen en juristen ervaren? Men zegt dat ingenieurs tegenover hen van nature op achterstand staan.

‘Ik heb dat nooit als concurrentie ervaren, maar ik begrijp de opmerking. Ingenieurs zijn vaak vooral met materie bezig. Economen en juristen leren in hun opleiding met name om goed te formuleren. Hoe leg je je argumenten goed op tafel? Je leert je te verkopen. Ingenieurs hebben dat minder. Ik merk dat ook tijdens debatten in ingenieurskringen. Men zegt: dat zit toch goed in elkaar, dat moet iedereen toch snappen. Maar dat snapt niet iedereen, je moet het uitleggen en verkopen.’

 

Bij KPN hebt u de top bereikt. Gaf dat een gevoel van macht?

‘Nee, dat niet. Intellectueel weet je dat je macht hebt. Als je een minister nodig hebt, dan krijg je hem misschien niet direct aan de lijn, maar hij belt wel binnen een dag terug. Bij anderen doet hij dat misschien na twee of drie weken. Je merkt dus dat je invloed hebt. Die moet je gebruiken om je bedrijf vooruit te helpen.’

 

Wat raadt u jonge ingenieurs aan?

‘Wat je doet doe dat goed, stort je erin, wees enthousiast. Ten tweede: wees breed. Dat geldt vooral voor ingenieurs. Technische studenten lopen meer dan andere het risico zich in hun vak te verliezen. Als de lokale fanfare of voetbalclub langs komt voor een bestuursfunctie, doe het dan, je leert er van. Neem verantwoordelijkheid voor de inrichting van de samenleving. Dat geldt ook voor het werk in bedrijven. Als een ingenieur niet meer dan zijn werk doet, vind ik dat onvoldoende. Dan ben je geen echte leider. Een echte leider is breed. En ten derde: als er kansen langs komen, grijp die dan. Denk er eerst goed over na, spring niet blind, maar heb wel het lef om te springen.’


Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW