Nieuws

Ingenieurs staan ijzersterk op arbeidsmarkt

Ingenieurs hebben een sterke positie op de arbeidsmarkt, zo blijkt uit het ROA-onderzoek naar salarissen en loopbanen in de techniek onder KiviNiria-leden en lezers van dit blad.

Na de conjunctuuromslag in 2006 is dit jaar de krapte op de arbeidsmarkt voor ingenieurs en bèta’s alleen maar toegenomen. Bedrijven van groot tot klein schreeuwen om ingenieurs. Ondernemingen als Shell, Philips, ASML en Usg Innotiv hebben duizenden vacatures. Maar er zijn domweg te weinig ingenieurs beschikbaar. Dat baart de bedrijven grote zorgen, maar aankomende ingenieurs zitten op rozen. Er is volop werk voor ze.

Van de hbo’ers techniek was in 2005 slechts drie procent werkloos, de laagste score in alle sectoren, ofschoon ook in de sectoren hbo-economie en hbo-gezondheidszorg schaarste heerst. Bij de universitaire ingenieurs is het beeld overeenkomstig. Slechts twee procent van de net afgestudeerde ir’s was in 2005 werkloos. Alleen bij wo-gezondheidszorg lag het werkloosheidspercentage net zo laag. ‘Techniek neemt op dit punt dus een sterke concurrentiepositie in ten opzichte van andere opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs’, concludeert het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) van de Universiteit Maastricht in de Technomonitor van februari 2007.

Iets minder gunstig is het beeld voor bèta’s, de sector natuurwetenschappen in het ROA-onderzoek. Zij zitten met een werkloosheidspercentage van vijf minder gunstig dan de sectoren gezondheidszorg en economie.

De schaarste aan ingenieurs vertaalt zich ook naar salarissen. ‘Op vrijwel alle opleidingsniveau’s worden technici momenteel beter betaald dan de afgestudeerden van andere opleidingen. Alleen de afgestudeerden in de sector gezondheidszorg verdienen gemiddeld een hoger salaris’, aldus de Technomonitor.

In het onderzoek Loopbanen in de Bètatechniek, dat het ROA net heeft afgerond en dat is gedaan in opdracht van KiviNiria, het Platform Bèta Techniek en Technisch Weekblad, kijken de onderzoekers naar de salarishoogten van beginnende ingenieurs en bèta’s. Anderhalf jaar na hun afstuderen blijken de hbo-ingenieurs meer dan het gemiddelde hbo-salaris te verdienen (ook meer dan de hbo-economen), alleen hbo-gezondheidszorg verdient meer. En zij behouden hun positie. ‘Hbo-technici verdienen gedurende hun gehele beroepsloopbaan meer dan een gemiddelde hbo’er’, concludeert het ROA.

Academische ingenieurs en bèta’s steken minder gunstig af. Zij verdienen minder dan gemiddeld. Ook als in aanmerking wordt genomen dat een relatief grote groep kiest voor promotieonderzoek – en dus een laag salaris – zijn de startsalarissen voor de wo’ers relatief laag. ‘De lonen van bètatechnici met een wo-opleiding blijven achter bij het gemiddelde loon op wo-niveau’, stellen de onderzoekers vast.

‘Dit suggereert dat een deel van de bètatechnici is uitgeweken naar andere beroepen. Overigens zal dit vaak gaan om managementberoepen waar wel degelijk een bètatechnische opleidingsachtergrond voor nodig is’, aldus het rapport.

Wat betreft de verschillende disciplines blijken de ir’s informatica aan het begin van hun loopbaan het meest te verdienen, met de werktuigbouwers op de tweede plaats. Die groep blijkt op latere leeftijd, na meer dan twintig jaar gewerkt te hebben, zelfs bovenaan te staan (zie grafiek). De minstverdienende starters zitten bij elektrotechniek en chemie, waarbij het opmerkelijk is, dat als je alle leeftijdscategorieën ir’s samen neemt, de elektrotechnici en de chemisch technologen juist bovenaan staan. De ROA-onderzoekers wijzen erop, dat leeftijdsopbouw hier een rol speelt. Zo zijn de elektrotechnici in Nederland, door de zeer lage uitstroom van de tu’s in de laatste jaren, een vergrijsde groep. En oudere werknemers verdienen nu eenmaal meer dan zij die aan het begin staan van hun loopbaan.

Gekeken naar waar de ir’s terechtkomen, dan concludeert ROA dat ze het best betaald worden in het bank- en verzekeringswezen, de winning van delfstoffen, transport en communicatie, metaal- en elektrotechniek en energie. Het laagst liggen de salarissen bij de overheid, het onderwijs en onderzoek, gezondheids- en welzijnszorg, en de niet-commerciële dienstverlening. Kortom: de (semi-)overheid beloont zijn ingenieurs het minst.

Overigens maken de ir’s hun relatief lagere salaris (vergeleken met andere academici) op latere leeftijd goed. Ten opzichte van hun ing-collega’s lopen zij, na een loopbaan van meer dan twintig jaar, uit naar een mediaan jaarinkomen van 75.200 euro. De ing’s staan dan op zestigduizend euro. (De mediaan is niet het gemiddelde, maar de middelste waarde. Een mediaaninkomen van zestigduizend euro voor een bepaalde groep, betekent dat in die groep vijftig procent meer dan zestigduizend euro verdient en de andere helft minder dan dat bedrag.)

Het ROA-onderzoek gaat niet uitsluitend over salarissen, ook de loopbaanontwikkeling van ingenieurs en bèta’s nam men onder de loep. Daar komen een paar verrassende conclusies uit. Zo blijkt 35 procent van de universitaire ingenieurs na anderhalf jaar werk beneden zijn opleidingsniveau te doen; ze zijn overgekwalificeerd. Bij de bèta’s ligt dat percentage op 27. Dat betekent dat zij werk op hbo-niveau of lager doen. Bij de hbo-ingenieurs werkt achttien procent in een baan waarin een lager opleidingsniveau zou volstaan.

Verder hebben de onderzoekers vastgesteld dat technici door de bank genomen elf jaar bij dezelfde organisatie werken. Dat is behoorlijk ‘honkvast’. Ter vergelijking: in de sectoren economie en gezondheidszorg ligt dat rond de acht jaar. ‘Met name in onderwijs en voorlichting werken veel bètatechnici die met ervaringsconcentratie te maken hebben’, schrijven de onderzoekers. Dat betekent dat ‘werknemers die lange tijd dezelfde functie binnen dezelfde organisatie vervullen, beschikken over menselijk kapitaal dat wellicht te specifiek geworden is om nog elders ingezet te kunnen worden’.

Overigens hebben de ingenieurs in ‘winning van delfstoffen’ het meeste zitvlees. Geen wonder, zij verdienen ook het meest. De werknemers in de bouwnijverheid, computerservice en informatietechnologie zijn mobieler; zij werken gemiddeld zeven jaar voor één baas.

De vragenlijst van de ROA-enquête is via internet afgenomen, voor het overgrote deel onder leden van KiviNiria en lezers van Technisch Weekblad. De respons lag met 4396 respondenten rond de twintig procent.

De volledige enquête, uitgevoerd door ROA in opdracht van Technisch Weekblad, KiviNiria en het Platform Bèta Techniek, kunt u hier als pdf-bestand downloaden.

Voor de tabel met salarissen klik hier.

Deel deze pagina

Maritiem Nederland

Maritiem Nederland is een magazine, website en nieuwsbrief met alle relevante en interessante ontwikkelingen binnen het maritieme cluster. Met interviews, opmerkelijke reportages, portretten en columns.
Meer informatie over Maritiem Nederland

Damen

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers TW

Ontvang de nieuwsbrief, binnenkort 2 keer per week!

Meld je nu aan!

Rijkswaterstaat Meet & Greet Projectmanagement

Op 30 september om 16 uur organiseert Rijkswaterstaat een meet & greet voor (toekomstige) projectmanagers die willen weten hoe het is om aan grote infrastructurele projecten te werken bij Rijkswaterstaat. Neem kennis van ons Integraal Projectmanagement Model (IPM) en  spreek informeel met projectmanagers onder genot van een hapje en drankje.  Kijk hier voor meer informatie

Vision & Robotics

Vision & Robotics is hét onafhankelijke vakblad voor machinebouwers, system integrators en eindgebruikers van productielijnen in de maak- en agro-/foodindustrie. 

Graag meer lezen over onderwerpen zoals robotica, sensoren, kunstmatige intellegentie en nog veel meer klik hier

Vision & Robotics heeft ook een nieuwsbrief! klik hier om je in te schrijven.

TW online gratis voor jongeren

TW Investeert in technisch onderwijs

Leerlingen tot 18 jaar lezen gratis TW. Meld je aan en ontvang 23 online edities per jaar geheel gratis!

Naar boven