Nederlandse kennis voor Noorse tunnel | Technisch Weekblad
Nieuws

Nederlandse kennis voor Noorse tunnel

Volker Stevin Construction Europe en BAM Civiel gaan samen met Skanska (Zweden) de eerste afgezonken tunnel van Noorwegen bouwen. In 2010 kan het wegverkeer gebruikmaken van de Bjorvikatunnel onder de baai van Oslo.

Oslo – Al jarenlang lijdt Oslo onder een slechte verkeersdoorstroming van de snelweg E18 die nu door het stadscentrum gaat. Dit betekent niet alleen geluidsoverlast en uitstoot van fijn stof en andere schadelijke stoffen, maar ook dat de herontwikkeling van het centrum in de knel komt.

Daarom hebben de Noorse autoriteiten besloten een afgezonken tunnel te bouwen onder de baai van Oslo. Het 675 meter lange kunstwerk moet de bestaande tunnels Ekeber en Festning, die eveneens onderdeel uitmaken van de E18, met elkaar verbinden. Opdrachtgever is Statens Vegvesen, het Noorse Rijkswaterstaat.

‘Het is de eerste afgezonken tunnel van Noorwegen’, zegt ing. W. Boonstoppel van BAM Civiel, die als projectleider vrijwel elke week in Noorwegen vertoeft. ‘Dat heeft te maken met het feit dat Noorwegen doorgaans zijn tunnels bouwt met explosieven in harde rotsformaties. Op dit tracé bestaat de bodem uit slappe, kleiachtige grond. Dat verklaart ook de keuze voor twee Nederlandse bouwbedrijven die veel ervaring hebben met afgezonken tunnels.’

De tunnel bestaat uit zes segmenten van 112,5 lang die bij constructiebedrijf Han ytangen in Bergen worden gebouwd. Vervolgens zullen sleepboten de reusachtige elementen via zee naar Oslo vervoeren.

‘Noorwegen heeft op ervaring met het verslepen van dergelijke constructies’, zegt Boonstoppel. ‘Denk maar aan de betonnen pijlers voor het Trollveld.’

In het project zitten volgens Boonstoppel diverse innovaties. ‘Extra moeilijkheidsfactor is dat zes elementen qua afmetingen niet identiek zijn. De twee buitenste segmenten zijn geen 25 maar 40 meter door de toeen afritten. In element vier zitten de technische installaties en de vluchtwegen.’ Maar ook het beton is niet alledaags; de bouwers gebruiken vanwege het klimaat verwarmd beton met een mengsel van polypropyleenvezels als extra brandbescherming. Voor de zes tunneldelen is 90.000 m3 beton nodig.

De Noorse opdrachtgever eist ook dat zich bij de bouw geen vervuild slib in de baai verspreidt. De Zweeds-Nederlandse aannemerscombinatie moet namelijk 600.000 m3 zand en slib wegbaggeren voor de aanleg van de sleuven. Boonstoppel: ‘Daarom willen we verticale slibgordijnen ophangen. Dergelijk gordijnen worden elders ook gebruikt voor de bescherming van de visstand.’

Het tunnelproject kost omgerekend 125 miljoen euro, waarvan zestig procent naar Skanska gaat en de overige veertig procent naar beide Nederlandse bedrijven. Het afzinken moet in 2008 geschieden, waarna in het voorjaar van 2010 de nieuwe verbinding opengaat voor het wegverkeer.