Nieuws

Stadsvriendelijke windmolen

Het Britse Quiet Revolution heeft een windmolen met verticale draaias ontwikkeld voor in de stad.

Het bedrijf won met het ontwerp de categorie ‘Best Product Innovation’ van de 2006 Sustainability Awards van Building Magazine.

Vanwege de verticale as kan de molen ook wind opvangen als hij dichtbij of op gebouwen staat, waar de wind vaak van richting verandert. Daarnaast is de windmolen volgens het bedrijf een stuk stiller en esthetisch aantrekkelijker. Dit alles maakt de Quiet Revolution geschikt voor gebruik in de stad.

Omdat de draaias niet met de windrichting hoeft mee te draaien, is de molen bovendien een stuk energiezuiniger. Volgens Quiet Revolution levert het een gemiddelde besparing op van 42 kg CO2 per opgewekte kWhr ten opzichte van normale windmolens.

De huidige modellen zijn vijf meter hoog en zijn zowel op als tussen gebouwen te plaatsen. Het kleine formaat heeft als voordeel dat de molen beter past in stedelijke gebieden. Het opgewekte elektrisch vermogen is echter vrij klein. Gemiddeld produceert de windmolen 10.000 kWhr aan elektriciteit per jaar, genoeg om een kantoor van twintig personen draaiende te houden. Quiet Revolution heeft zowel een groter (12 m, gem. 45.000 kWhr per jaar) als een kleiner (2,5 m, gem. 4.000 kWhr per jaar) model in ontwikkeling.

In Berkshire staat een eerste testexemplaar. Verschillende stedelijke ontwerpers hebben vergevorderde plannen ook op andere locaties de stadsmolens in te zetten.

Vooral in Engeland lijkt de Quiet Revolution een succes te worden. De Britse eilanden kennen het grootste windaanbod van Europa. De Energy Saving Trust berekende dat kleine windturbines, samen met ander vormen van micro-generatoren, in 2050 al dertig tot veertig procent van het totale Britse elektriciteitsaanbod voor hun rekening moeten nemen. Volgens Quiet Revolution kunnen de kleinschalige windmolens in 2010 al concurreren met fossiele brandstoffen.