Zeewater verwarmt huizen in Duindorp | Technisch Weekblad
Nieuws

Zeewater verwarmt huizen in Duindorp

De Scheveningse woonwijk Duindorp krijgt vanaf 2006 warmte uit zeewater.

Den Haag – Er is momenteel nog niets te zien maar over pakweg twee jaar zijn de eerste woningen van de Scheveningse wijk Duindorp aangesloten op een distributienetwerk dat warmte uit zeewater gebruikt voor ruimteverwarming en warm tapwater.

‘Dit is redelijk uniek in de wereld’, aldus ir. Paul Stoelinga van ingenieursbureau Deerns. ‘Er wordt in Noorwegen ook een wijk met zeewater verwarmd maar dat gebeurt met een ander principe.’ Deerns heeft het technisch concept ontwikkeld in opdracht van woningcorporatie Vestia en Ceres Projecten. GTI zorgt voor de detailengineering en de uitvoering. Dat betekent dat het bedrijf onder andere de werktekeningen maakt en de precieze vermogens van bijvoorbeeld de warmtepompen en afmetingen van de transportleidingen zal vaststellen.

In de jaren negentig ontstond het plan om bij de renovatie van de wijk Duindorp zoveel mogelijk duurzame energie te gebruiken. Het deel van Duindorp dat nu wordt gerenoveerd, telt 1100 verouderde woningen, die tussen 2006 en 2009 plaatsmaken voor 789 nieuwbouwwoningen. Ingenieursbureau Dorsserblesgraaf kwam met het idee om zeewater te gebruiken voor ruimteverwarming. Ceres Projecten vroeg eind 2001 aan Deerns dit plan verder uit te werken.

 

Onhaalbaar

‘Toen we met dit project begonnen, meenden veel mensen dat warmte uit zeewater energetisch onhaalbaar is’, herinnert Stoelinga zich. ‘In de winter is de warmtevraag het grootst terwijl dan de watertemperatuur het laagst is en ongeschikt om te dienen als warmtebron voor warmtepompen voor woningen. Daarom haakte Eneco al snel af. We hebben echter berekend dat het wel kan: via warmtewisselaars en warmtepompen kunnen we een energetisch jaarrendement voor de bronwarmtewinning halen van 1200 procent. Dat betekent dat we 12 kWth bronwarmte kunnen produceren uit 1 kWh elektriciteit.’ Het zeewaterproject moet de C02-uitstoot met vijftig procent reduceren ten opzichte van aardgas, terwijl de energiekosten voor de bewoners gelijke tred moeten houden met een gasgestookte HR-ketel. Als in 2006 de eerste woningen klaar zijn, start de warmtelevering. Stoelinga: ‘In de havenmonding pompen we zeewater naar de centrale. Hier heeft een tweetrapszuivering plaats: een bezinkfilter voor zand en een fijnfilter voor slib en andere organische verontreinigingen. Afhankelijk van de watertemperatuur gaat het zeewater vervolgens langs de warmtewisselaar of langs de York scroll-ammoniak warmtepomp van 2,7 MWth. Deze warmtepomp heeft als voordeel dat hij het kleine temperatuurverschil daad werkelijk benut en zo een hoog rendement behaalt.’ Als de watertemperatuur boven de elf graden uitkomt, schakelt men de warmtepomp uit en doet de warmtewisselaar het

werk. Tussen de zes en elf graden wordt een combinatie van beide systemen gebruikt, terwijl onder de zes graden alleen de warmtepomp het werk doet. Warmtewisselaar, warmtepomp en de zeewaterpompen zijn beschermd tegen corrosie; delen zijn uitgevoerd in titanium.

 

Kleine warmtepomp

In de centrale heeft de warmteoverdracht plaats naar het distributienet, waarin zoet water van elf graden circuleert. Vanwege het kleine temperatuurverschil met de bodem hebben de kunststofleidingen naar de woningen geen aparte isolatie nodig. ‘Dat scheelt behoorlijk in de kosten’, aldus Stoelinga. In de woningen zorgt een klei ne warmtepomp van 4 à 5 kWth ervoor dat de warmte wordt opgekrikt naar 45 graden voor de vloerverwarming en naar 65 graden voor de boiler.

Bijzonder is dat de woningen niet beschikken over een aansluiting op het aardgasnet. Stoelinga: ‘Het systeem is dubbel uitgevoerd, dus de kans op uitval is niet groot. Mocht dat toch gebeuren dan kunnen de individuele warmtepompen met hun elektrisch element de verwarming tijdelijk overnemen.’ De aanleg van de zeewatercentrale en het distributienet is de eerste fase, waarvan de investeringskosten drie miljoen euro bedragen. In de toekomst moeten twee grote windturbines alle huishoudens van Duindorp en de zeewatercentrale van elektriciteit voorzien, zodat helemaal geen CO2uitstoot meer plaatsvindt.

Stoelinga ziet verder goede mogelijkheden om zeewa terverwarming elders toe te passen. Niet alleen in kustgebieden maar ook in regio’s met voldoende oppervlaktewater, zoals rivieren en meren.