BP’s rol in de energietransitie | Technisch Weekblad
Opinie&Analyse
Jan Spoelstra

BP’s rol in de energietransitie

Begin deze maand liet BP weten te verwachten dat ze hun olie- en gasproductie met 40% zullen reduceren in 2030, dat ze 30% minder olieproducten uit hun raffinaderijen willen laten stromen en dat deze bovendien 15% minder uitstoot opleveren door onder andere meer biobrandstoffen bij te mengen.

Het internationale olie- en gasbedrijf (IOC) wil daarnaast in tien jaar tijd van 7.500 oplaadpunten voor elektrische auto's nu, naar 70.000 in 2030. Bovendien zegt het bedrijf zijn jaarlijkse investeringen in duurzame energie te vertienvoudigen tot 5 miljard euro, en in een uitgebreid scala aan maatregelen te investeren zoals waterstof, biobrandstof, offshore wind en zonne-energie.

BP profileert zich op energietransitie-gebied als 'thought leader' van de IOC's, en dat is strategisch handig, want institutionele beleggers weten al jaren niet goed wat ze met het enorme kapitaal dat in olie- en gasbedrijven zit aan moeten in een tijd dat in Noordwest Europa fossiel op zijn retour is, maar dat er nog decennia lang groeiende afzetmarkten zullen zijn in voorheen derde en tweede wereld landen.

 Zijn IOC’s onderdeel van het klimaatprobleem? Of kunnen ze ook onderdeel zijn van de oplossing? Het rapport 'The Oil and Gas Industry in Energy Transitions' van het IEA zet op een rij dat IOC's relatief meer investeren in duurzame energie en in reductie van emissies dan kleinere nationale oliemaatschappijen (NOC's). Het IEA concludeert dat een houding als die van BP zeker een versnellende rol kan spelen in de energietransitie. Ook het samenwerken met overheden en samen zoeken naar nieuwe businessmodellen zou de energietransitie versnellen.

In 2030 rijden er volgens Auke Hoekstra (TU/e) 3 miljoen elektrische auto’s in Nederland, staat er 10 GW offshore wind vermogen opgesteld. We moeten de seizoenschommelingen in energieproductie dan opvangen met een slim elektriciteitsnet en door elektriciteit vast te leggen in groene moleculen, zoals bijvoorbeeld synthetische brandstoffen, biobrandstoffen en waterstof. Het ligt voor de hand dat de grote olie- en gasbedrijven daar een centrale rol in gaan spelen, anders verliezen ze simpelweg hun bestaansrecht. Dat maakt de houding van BP eerder realistisch dan revolutionair.

Het IEA waarschuwt echter wel voor het weglekeffect. Er is een bepaalde wereldwijde vraag naar olie- en gas, en het IEA ziet dat afnemende productie bij de meer innovatieve IOC's, toenemende productie bij kleinere nationale oliemaatschappijen (NOC's) teweegbrengt. En juist die hebben het klimaat- en milieuvraagstuk vaak minder prominent op hun agenda staan. Ook energieanalist Jilles van den Beukel waarschuwt hiervoor in de laatste podcastaflevering, genaamd 'Blik op olie en gas', van Studio Energie. Het klimaat schiet er dan niet per definitie iets mee op als BP zegt minder olie en gas te gaan produceren. Dergelijke weglekeffecten zouden meer meegewogen moeten worden in de klimaatdiscussie.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW