Opinie&Analyse
Het Virgil C. Summer Nuclear Generating Station in South Carolina heeft een AP1000 reactor

Redt de SMR de kernindustrie? Premium

Teake Zuidema |
Bouw & Civiele Techniek, Energie

Eind januari wankelde de Amerikaanse kernenergie-industrie over de drempel van een nieuw tijdperk. Althans, zo leek het.

De Nuclear Regulatory Commission (NRC) accepteerde de aanvraag van de Tennessee Valley Authority voor een bouwvergunning van een zogenoemde Small Modular Reactor (SMR). Diezelfde week ontving de NRC ook een aanvraag van NuScale Power voor de bouw van zo’n kleine modulaire kern­reactor. Bovendien nam het Huis van Afgevaardigden een wet aan die het eenvoudiger maakt goedkeuring te krijgen voor de bouw van onconventionele kernreactors zoals minireactors en gesmoltenzoutreactors.

De kernenergie-industrie zit diep in de put. De Amerikaanse, Japanse en Europese bedrijven die kerncentrales bouwen, kampen met gigantische verliezen. Toshiba zit door de problemen van Amerikaans dochterbedrijf Westinghouse zo diep in de problemen dat het Japanse conglomeraat zich waarschijnlijk volledig terugtrekt uit de kernenergiesector. Budgetoverschrijdingen bij de bouw van twee Westinghouse-kerncentrales met elk twee AP1000-reactoren in South Carolina en Georgia hebben Toshiba al zo’n € 8,5 miljard gekost.

Redder van de kernenergie-industrie

De AP1000 was nu juist het lichtend voorbeeld van een reactor die met simpeler ontwerp, passieve koeling, schaalvergroting en een efficiënte modulaire bouw een kerncentrale veiliger en goedkoper zou maken, maar dat blijkt dus een fabel. Strenge Amerikaanse veiligheidsnormen, complexe regulering, gebrek aan expertise en de onbekendheid met de bouw van het nieuwe systeem blijken vooralsnog onoverkomelijke obstakels. De Europese ERP-reactor van het Franse EDF/Avera is nog weer een stuk complexer dan de AP1000; twee in aanbouw zijnde ERP-centrales, in Finland en Frankrijk, zijn nog grotere financiële debacles.

Geen wonder dat de minikernreactor zich nu opdringt als de redder van de kernenergie-industrie. NuScale Power wil in een fabriek in Oregon SMRs bouwen met een piekvermogen van 50-megawatt en deze vervolgens over water, rails, of over de weg naar hun bestemming vervoeren. Ter plekke wordt het 24 m hoge reactorvat dan afgezonken in een kelder gevuld met water. Indien deze kleine reactors aan de lopende band gemaakt worden, dan zal dat volgens NuScale een grote kostenbesparing opleveren. Bijkomend voordeel: de financiële drempel om zo’n SMR aan te schaffen is laag.

Gesmoltenzoutreactor

Het grote probleem van die kleine reactors echter, is nu juist dat ze zo klein zijn. De bouwkosten per geïnstalleerde megawatt zijn daardoor relatief hoog. De prijs van een kilowattuur zal al gauw 35 tot 70 % hoger liggen dan die van een conventionele 2.000 MW-kerncentrale. Verder gaat het voordeel van de massaproductie pas spelen wanneer er inderdaad heel veel reactors gemaakt worden. Die massaproductie komt er niet zolang de technologie zich niet heeft bewezen. Er is dus een dikke kans dat ook deze reddingsboei van de kernenergie-industrie een fata morgana zal blijken.

Maar wellicht heeft Transatomic Power een beter idee. Dit bedrijf heeft een ontwerp voor een kleine reactor die veel langzamer en efficiënter opereert omdat het uranium is opgelost in vloeibaar zout. Zo’n kleine gesmoltenzoutreactor gebruikt de afgewerkte brandstofstaven van conventionele kerncentrales. De reactor van Transatomic Power mag dan dure elektriciteit opwekken, het levert ook – althans in theorie – een goedkope oplossing voor een duur probleem: kernafval. Er bestaat wereldwijd immers zo’n 300.000 ton aan afgewerkte brandstof van kerncentrales.

Deel deze pagina
Abonnement

Wilt u lid worden, een los nummer aanvragen of een adreswijziging doorgeven? Neem dan contact op met MijnTijdschrift (088-2266622). 

Of bekijk ons aanbod van abonnementen.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Naar boven