Twitter-verbanning roept diepere vragen op | Technisch Weekblad
Opinie&Analyse

Twitter-verbanning roept diepere vragen op

Als de machtigste man ter wereld van sociale media wordt gegooid omdat hij zijn macht misbruikt, zijn er kennelijk machten die groter zijn dan hij – dat is een constatering die tegelijk geruststellend en schokkend is. Geruststellend, omdat er dus toch grenzen zijn aan wat deze man kan doen. Schokkend, omdat die grenzen worden bepaald door entiteiten waar we nóg minder vat op hebben.

Dat Twitter en Facebook genoeg hadden van Donald Trump was te begrijpen. Nadat ze (met name Twitter) hem maandenlang hadden gewaarschuwd voor het plaatsen van valse informatie, ging Trump na de verkiezingen steeds verder, wat uitmondde in een volksopstand die de Amerikaanse democratie aan het wankelen bracht. Geen slechte reden om de cafédeuren voor hem te sluiten.

Er is veel conservatieve ophef geweest in de VS omdat dat zijn vrijheid van meningsuiting zou inperken. Dat is selectieve verontwaardiging: dit zijn vaak dezelfde conservatieven die vinden dat een bakker geen bruidstaart hoeft te bakken voor klanten die homo zijn. Hun argument: de bakker heeft de vrijheid om klanten te weigeren die in zijn ogen iets verderfelijks willen met zijn product – en juist die weigering is vrijheid van meningsuiting. Als je dat vindt, moet je het in principe ook eens zijn met Twitter: dat heeft de vrijheid om klanten te weigeren die iets verderfelijks willen met zijn product.

Je kunt een vergelijkbare redenering houden voor Amazon, dat het licht uitdeed voor Twitter-alternatief Parler, waar nog veel ongebreidelder (extreem)rechtse en gewelddadige praat te vinden is/was. Parler liet, zoals veel bedrijven, zijn website draaien op de servers van Amazon, en Amazon had geen zin meer in een klant die zijn klanten verderfelijke dingen liet doen met het product (de servers).

Maar ook al zijn de individuele beslissingen te begrijpen en te rechtvaardigen, het precedent roept wel lastige vragen op, zeker in combinatie met de bijna-monopoliemacht van sommige bedrijven in Silicon Valley. Twitter kan nog zeggen: als wij je het zwijgen opleggen, kun je altijd nog naar de concurrent. Maar wat als die concurrent (Parler) in zijn gehéél het zwijgen wordt opgelegd, door een machtige infrastructuur-aanbieder als Amazon? Wie bepaalt straks wie wat mag zeggen?

Twitter-baas Jack Dorsey liet in een serie tweets weten zich ook ongemakkelijk te voelen bij het besluit. ‘Ik heb het gevoel dat de verbanning [van Trump] uiteindelijk ons falen aantoont, in ons doel om gezonde conversatie te bewerkstelligen.’

Dat is een zeldzaam boetekleed in Silicon Valley. De ongezonde conversatie is niet alleen de schuld van Trump en sommige extremisten, maar is inherent aan het verdienmodel van sociale media: ophef en opruiing worden gewaardeerd en beloond. Internetbedrijven zijn, dankzij een belangrijke vrijstelling (Sectie 230), niet aansprakelijk voor wat hun gebruikers zeggen of beweren, en daarom hoeven ze niet te modereren of in te grijpen. Maar ergens is die vrijheid te groot geworden. De tech-wereld heeft het systeem zelf uit de hand laten lopen. Het is aan hen om de geest weer in de fles te krijgen.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW