We zoeken genetische grenzen op | Technisch Weekblad
Opinie&Analyse
Gerald Schut

We zoeken genetische grenzen op

Gerald Schut | donderdag 29 april 2021
Life Sciences, Onderzoek & R&D

De ontwikkelingen in de biotechnologie zijn indrukwekkend en blijven de grenzen van ons denken en kunnen oprekken. De belangrijkste vaccins van de afgelopen maanden (Pfizer en Moderna) gebruiken een mRNA-techniek die pas net gereed was op het moment dat covid-19 verscheen.

Deze maand heeft de Amerikaanse voedselautoriteit (FDA) een transgeen varken goedgekeurd voor menselijke consumptie. In deze ‘GalSafe’ (in Nature Biotechnology) is een gen verwijderd, waardoor aan de buitenkant van varkenscellen het suikerige molecuul galactose-α-1,3-galactose niet langer aangemaakt. Dit α-Gal zorgt in 35.000 Amerikanen, die door een teek gebeten zijn, voor aan allergische reactie.

Eerder deze maand onthulde vakblad Cell, dat een internationaal onderzoeksteam in China een mens-aap embryo heeft ontwikkeld. In een vroeg stadium werden fluorescerende menselijke stamcellen in een apenembryo ingespoten. De embryo bleven ruim twee weken doordelen en de menselijke cellen verspreidden zich over het hele organisme en kregen vitale orgaanfuncties toebedeeld. Het uiteindelijk doel van zowel het transgene varken (het hypoallergene varken was een zijpad) en het mens-aap embryo is de ontwikkeling van menselijke transplantatieorganen, die in dieren kunnen worden opgekweekt. In 2017 zijn onderzoekers in Japan er al in geslaagd om een muis met diabetes te voorzien van een nieuwe alvleesklier die was opgekweekt in een transgene muis-rat.

Dit soort medische toepassingen van biotechnologie zijn relatief onomstreden. In 2017 beschreef Science, dat 59% van de Amerikanen aanpassingen van het menselijk genoom om medische redenen steunt. Volgens dezelfde lijn is er weinig controverse over de productie van insuline door genetisch gemodificeerde bacteriën. Maar het Amerikaanse onderzoek onthulde ook dat 33% – toch een forse minderheid – genetische aanpassingen aan de mens voor verbeterde prestaties goedkeurde: pure eugenetica dus!

Op dit soort punten is ons denken nog relatief makkelijk: we kunnen het nog niet. Maar wat als we het straks wél kunnen? Vorig jaar ontstond ophef over schrijfsels van Dominic Cummings, de toenmalige rechterhand van de Britse premier Boris Johnson. Hij had eerder na het bijwonen van lezingen van ondernemer en geneticus Stephen Hsu opgeschreven, dat embryoselectie uiteindelijk in de basisverzekering zou moeten komen. Pas als de technologie bestaat natuurlijk. Maar als we dat niet doen, kunnen rijke mensen hun nageslacht gaan selecteren op bijvoorbeeld verhoogde intelligentie, terwijl arme mensen dat niet kunnen. Niet eerlijk, dus moet de techniek voor iedereen beschikbaar komen, vond Cummings. Een ongemakkelijke, maar interessante redenering. Onderzoekers betwijfelden overigens meteen of het überhaupt ooit mogelijk zou zijn om dit soort selectie te verrichten, omdat intelligentie genetisch te complex zou zijn.

Maar laten we nu eens aannemen dat het wel kan. En dat in China – het onderzoek met het mens-aap embryo is daar verricht, omdat het in het westen niet mag – iedereen een brein met 20 IQ-punten extra krijgt. Zouden wij het in Nederland dan ook gaan doen? Misschien eigenlijk wel niet, als je bedenkt dat Nederland in het PISA-klassement voor taal- en rekenvaardigheid van 15-jarigen al sinds het begin van de eeuw voorbij gestormd wordt door Zuid-Aziatische landen, zonder dat we serieuze pogingen ondernemen daar iets aan te doen.

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je nu aan!

Gratis proefabonnement TW

Bestel nu 2 gratis proefnummers TW